Home
HomeNieuws ContactForeign rights
       
   
Divina Noir
 
 Poëzie
Recensies
 
Jacob Groot, 2010

Divina Noir ontspringt aan de retrotijd van de teenager.

Is het de naam die hij geeft aan het onbegrijpelijke dat hem omringt? Hij treedt de film van de sixties binnen, de fabel van de seks, de natuur als bruid, het raadsel van het ik of de ander.

In een heropvoering van deze inwijding vindt de poëzie plaats. Het voormalige zwart-wit gaat daarbij niet alleen blozen in panavision, de schijn van reconstructie bewasemt het heden. Divina Noir bevat geen terugblik maar spiegelt onze paradoxale staat van genade. ‘Want door vooruit te kijken terwijl je vertoeft waar je geweest bent zul je het zien: het wonder dat uitbleef.’




Recensies

Beste bundels bestaan niet (Erik Menkveld, De Volkskrant, 24 december 2010)
'Zijn lyrische en tegelijk nuchtere taal maakt zelfs het loeren naar een onbereikbare buurvrouw tot een ongekend avontuur.'

Losgeweekt van zichzelf (Arie van den Berg, NRC Handelsblad, 21 december 2010)
'Groot is bij tijden taaldronken, nu eens buitelend, dan weer sentimenteel associërend, soms rijmelend, al te diepzinnig of ronduit plat, maar steeds weer tintelend van experimenteerdrift. Wie bereid is zich over te geven aan zijn poëtische zweefmolen, draait mee. (...) Opvallend is dat de pracht van het denken in Groots oeuvre de beeldenpracht is gaan overheersen. Daarbij wordt aan de grenzen van de poëzie gemorreld, maar Groot blijft wonderbaarlijk binnen het territorium van de lyriek.'